Bouwproject: Ter Wende
Beschrijving Ter Wende
OBC Ter Wende, een begeleidingscentrum voor jongeren met een moeilijke thuis, gaf het Leuvense architectenbureau czaar de opdracht voor de bouw van nieuwe lokalen voor dagbesteding in hun achtertuin. Op deze plek stond nog een groot houten paviljoen, gebouwd in de jaren ‘60 voor een jeugdbeweging, maar reeds decennialang ongebruikt. Het architectenbureau besloot om de uitdaging aan te gaan om een zo circulair mogelijk nieuw paviljoen te bouwen, met maximaal hergebruik van de bouwmaterialen uit de oude scoutslokalen.


Specificaties Ter Wende
- TypologieDagbesteding lokalen
- Bouwbudget€ 420.000 (inschatting voorontwerp) excl. buitenaanleg
- LocatieLeuven
- Opdrachtgever excl. BTWOBC Ter Wende
- Architectczaar architecten
- StabiliteitLisst bv
- AannemerL.Heylen (algemene aanneming), Wonen & Werken (demontage paviljoen), KVD Houtbouw (onderaannemer houtskeletbouw), DeWolf - Durnez (onderaannemer buitenschrijnwerk)
- EPB-verslaggever2B-Safe
Tijdlijn Ter Wende
Beschrijving van een aantal ontwerpkeuze door czaar:
- Door het nieuwe gebouw binnen de footprint van het oude paviljoen te plaatsen, vrijwaren we het groene park en kunnen we de bestaande fundering grotendeels hergebruiken.
- Ondanks het kleine programma kiezen we voor een gebouw met twee bouwlagen, dat dankzij het uitgesproken reliëf kan ontsloten worden op beide verdiepingen zodat het geheel rolstoeltoegankelijk is zonder lift.
- We kiezen voor een compact volume dat opgaat in de groene omgeving.
In de projecten van czaar architecten is sociale duurzaamheid een basiswaarde. Bewust van het belang van ecologische duurzaamheid binnen de bouwsector, wenste het bureau haar kennis uit te breiden over circulair en natuurlijk bouwen. Om Ter Wende als circulair voorbeeldproject uit te werken en een gebouw met een zo klein mogelijke milieu-impact te realiseren, klopte czaar aan bij LabLand en TEKEN architectuur voor de verdere uitwerking van het uitvoeringsdossier. LabLand en TEKEN architectuur stelden vervolgens een begeleidingstraject op maat samen. Hierop volgde een traject van cocreatiesessies waarin het bouwteam en experten samen rond de tafel werden gebracht.




Het architectenbureau ging zelf aan de slag met de het Vademecum voor de Recuperatie van Bouwmaterialen van Rotor voor de opmaak van een hergebruikinventaris en wenste de volgende pistes voor hergebruik te onderzoeken:
- Mogelijkheid van volledige demontage en stockage van de bouwmaterialen ter plaatse.
- Recuperatie van bestaande kepers en liggers. De ingenieur stabiliteit zal in de komende weken nagaan of bestaande kepers en liggers gerecupereerd kunnen worden in een nieuwe houtskeletstructuur.
- Recuperatie van de bestaande onderbouw (betonnen welfsels). De ingenieur stabiliteit is reeds nagegaan of bestaande onderbouw (betonnen welfsels) konden worden gerecupereerd maar wijst dit idee in eerste instantie af.
- In het paviljoen liggen ook nog resten bakstenen opgeslagen (in goede staat). Te onderzoeken of deze gebruikt kunnen worden voor de binnenwanden van het nieuwe gebouw.
In het bouwaanvraagdossier werd nog uitgegaan van een nieuwbouw in CLT.
Binnen de cocreatiesessies werd deze constructiemethode opnieuw in vraag gesteld en werd gezocht naar de meest geschikte wand-, vloer- en dakpakketten.
Hiervoor werden verschillende opties overwogen met elkaar vergeleken op vlak van milieu impact (TOTEM), mogelijke integratie van hergebruikmaterialen, kostprijs en esthetiek.
- Opbouw bouwaanvraag:
- Zuiveringsvloer - beton (5 cm)
- membraan - PE
- Vloer op volle grond - gewapend beton (20 cm)
- Vloer - gespoten polyurethaan (15 cm)
- Isolatie - Vloer - Akoestisch kunststofschuim (1 cm)
- Dekvloer cementgebonden - Zwevend (6 cm)
- Tegels - Keramisch - getrokken tegels (1 cm)
- adjust TOTEM
- Opbouw bouwaanvraag:
- ZZ CLT (10 cm)
- Isolatie - MW BuSB (20 cm)
- Houten roostering - balk massief (3 cm)
- Gevelplanchetten - massief hout (2 cm)
- adjust TOTEM
- Opbouw bouwaanvraag:
- ZZ CLT (10cm)
- Multiplex (3cm)
- Membraan - dampdicht
- Isolatie - MW BuSB (20 cm)
- Dakafdichting - plat dak - kunststof - EPDM gekleefd (1 cm)
- Groendak - extensief (10 cm)
- Mogelijke optimalisatie:
Aanpassen dakvlak naar een minimale helling van 15° ipv 12° ifv het gebruik van recuperatiemateriaal
- adjust TOTEM
Het doel:
Het bepalen van de wand-, dak- en vloerpakket
De Conclusie:
"HSB vs. massief bouwen: hoe zit het met de milieu-impact als we maximaal hergebruik toepassen?"
We onderzoeken hoe de milieu-impact van houtskeletbouw (HSB) zich verhoudt tot die van massieve bouwsystemen wanneer hergebruik van materialen geoptimaliseerd wordt. Ons vermoeden? HSB vraagt wellicht meer nieuw materiaal, maar ook bij massieve bouw kan dat het geval zijn – denk aan moeilijk te herwinnen mortelverbindingen. Dit wordt verder individueel bekeken en besproken tijdens de eerstvolgende cocreatiesessie.

- Is er toch manier om huidige betonvloer te hergebruiken (door bvb plaatselijk te versterken, ter plaatse perforeren + paalfundering etc)?
De bestaande betonwelfsels zijn in de huidige toestand niet te recuperen als vloer. Het is evt wel mogelijk om ze te behouden, indien de tussenwanden van de kruipkelder worden versterkt en een de draagstructuur wordt gerealiseerd uit houtskelet.
- Welke isolatiematerialen zijn eenvoudig te vinden uit recuperatie?
Rotswol, glaswol
- Opbouw:
- Beplating gevel (in-situ hergebruik)
- Recup isolatie
- Baksteen met kalkmortel
- Leempleister
- Mogelijke voordelen:
Er is 5m³ recup gevelsteen ter plaatse beschikbaar.
Bij deze opbouw zijn bijna alle materialen te vinden uit hergebruik.
Deze opbouw heeft geen tape nodig, en is daardoor eenvoudiger te demonteren in de toekomst. De leempleister doet dienst als luchtdichting.
- Mogelijke nadelen:
Meer materiaalgebruik: grotere hoeveelheid mortel nodig.
Hogere arbeidskost.
- Openstaande vragen:
Bevestigingswijze gevelbeplanking: horizontaal (zonder folie) of verticaal (met lattenwerk + open voeg + folie)?
Is recuperatie snelbouwsteen eenvoudig te vinden? Wat zijn de aandachtspunten bij toepassing? Wat is de kostprijs?
- Is recuperatie van de bestaande bitumen dakdichting mogelijk?
Recuperatie van bitumen dakdichting is enkel zinvol vanaf een oppervlakte van 1000m² (vb. via https://norooftowaste.be/nl/). In dit project dus niet van toepassing.
- Openstaande vragen:
Is er voldoende hout in het paviljoen aanwezig?
Bijna het volledige dakvlak wordt ingenomen door zonnepanelen. Is het nog nodig om daaronder dakpannen te voorzien of niet?
Is een losliggende EPDM in combinatie met een PV-installatie mogelijk?
Het doel:
Het bepalen van de wand-, dak- en vloerpakket
De conclusie:
Bouwscenario's afhankelijk van funderingskwaliteit:
Sterke fundering? Vloer behouden + massiefbouw + (recup) houten vloeren.
Matige fundering? Vloer behouden + houtskeletbouw + (recup) houten vloeren.
Zwakke fundering? Nieuwe fundering nodig + massiefbouw + (recup) houten vloeren.
Optioneel: recuperatie van bestaande welfsels voor vloer of dak.
- Opbouw:
- Mogelijke voordelen:
Verlaging milieu impact
- Mogelijke nadelen:
Beperkter hergebruikpotentieel
- Openstaande vragen:
Wat is de milieu impact luchtdichtingsfolie?
- adjust TOTEM
- Opbouw:
- Beplating gevel (situ recup)
- dikte isolatiepakket
- aanpassing %hout tov isolatiemateriaal: ipv 20%, 15% tov 85%
- weghalen PE-folie
- aanpassing gebitumineerde houtvezelplaat door ISOPROC spaanplaat genageld (maar voorkeur geschroefd: iets meer staal, maar beter demonteerbaar) met dikte 22mm
- dubbele beplating aan de binnenzijde
- spouw 22mm
- technieken in opbouw
- Mogelijke voordelen:
- Mogelijke nadelen:
- Openstaande vragen:
Het doel:
Het bepalen van de wand-, dak- en vloerpakket
De conclusie:
Lichte constructie ontlast bestaande fundering
De nieuwe buitenwanden worden net naast de bestaande funderingsplaat geplaatst, zodat hun gewicht afgevoerd wordt via nieuwe betonnen funderingszolen. Zo blijft de bestaande plaat in welfsels behouden als draagvloer.
Om betonverbruik te beperken, kiezen we voor een lichte opbouw: houtskeletbouw met hellend dak in plaats van een plat dak met groendak.
Voor de opbouw van de vloeren werden onderstaande opties geselecteerd – gerangschikt van meest naar minst interessant:
Optie A – maximale inzet van recuperatiematerialen
Bestaande welfsels blijven behouden. De opbouw gebeurt met droge korrelvulling (zoals kurk of glasschuimparels), gerecupereerde harde isolatieplaten, een droogbouwsysteem met vloerverwarming*, en een gerecupereerde vloerafwerking**.
Optie B – als harde isolatie niet beschikbaar of toepasbaar is*
Bestaande welfels worden gecombineerd met een gerecupereerde roostering gevuld met zachte isolatie (recup). Daarboven komt een gerecupereerde plankenvloer (in situ), een droogbouwsysteem met vloerverwarming*, en een gerecupereerde vloerafwerking**.
Let op: recuperatiebalken zijn niet altijd vormvast. Nieuw hout is te verantwoorden als de zachte isolatie kan worden hergebruikt.
Optie C – als zachte isolatie niet beschikbaar of toepasbaar is*
Uitvulling gebeurt met droge kalkhennepvlokken (te overleggen met gespecialiseerde uitvoerder), in combinatie met harde kalkhennepblokken, een droogbouwsysteem met vloerverwarming*, en een gerecupereerde vloerafwerking**.
* Droogbouwsystemen met vloerverwarming: verder te onderzoeken op geschiktheid en beschikbaarheid.
** Vloerafwerking: stel enkel opties voor waarvan zeker is dat ze beschikbaar zijn bij recup-handelaren (zie o.a. materiaalfiches van ROTOR).
*** Isolatie: beschikbaarheid en toepasbaarheid zijn o.a. afhankelijk van attestering en garanties. Indien onvoldoende, schuif je door naar de volgende optie.
Voor de opbouw van de wanden werden onderstaande opties geselecteerd – gerangschikt van meest naar minst interessant:
Optie A – minimaal beton, maximaal hergebruik
Afwerking met kleipleister, houtskeletbouw (HSB) gevuld met gerecupereerde zachte isolatie (ex situ), en gevelbekleding in gerecupereerd hout (in situ).
Optie B – alternatief bij hoge kost HSB of gebrek aan zachte isolatie*
Kleipleister, snelbouwsteen gecombineerd met gerecupereerde harde isolatie (ex situ), en gevelbekleding in gerecupereerd hout (in situ).
Optie C – bij gebrek aan bruikbare recuperatie-isolatie*
Kleipleister, HSB gevuld met ingeblazen cellulosevlokken of isolatiematten uit gerecycleerd katoen, en gevelbekleding in gerecupereerd hout (in situ).
* Keuze is afhankelijk van beschikbaarheid van materiaal, kosten en eventuele technische beperkingen.
Voor de opbouw van het dak werden onderstaande opties geselecteerd – gerangschikt van meest naar minst interessant:
Optie A – Maximaal hergebruik: Gerecupereerde dakpannen + HSB met gerecupereerde zachte isolatie (ex situ) + afwerking met kleipleister.
Optie B – Bij gebrek aan recup isolatie: Gerecupereerde dakpannen + HSB met nieuwe bio-gebaseerde isolatie (cellulose of gerecycleerd katoen) + kleipleister.
In oktober 2022 ontmantelde het Leuvens sociaal maatwerkbedrijf Wonen & Werken het bestaande paviljoen. Hierbij werden meer dan 1000m² houten planken en ongeveer 890 lopende meter draagbalken gerecupereerd. De materialen werden in situ gestockeerd. Het overgebleven materiaal ging integraal naar de Materialenbank van Leuven.
Aanwezigen: Jan Van De Gracht, czaar architecten, TEKEN architectuur, LabLand
- Welke houtsoort is het 'best' voor buitenschrijnwerk?
Accoya is een niet-tropische, verduurzaamde houtsoort (het heeft altijd een FSC label). Meranti is goedkoper maar heeft niet dezelfde sterkte dan Afzelia. Afzelia moet niet gehandelt worden, meranti wel. Als je Afzelia niet behandeld zal het wel (ongelijkmatig) vergrijzen. Het is belangrijk dat de verwachtingen hierover realistisch zijn. Je kan ook kastanje gebruiken maar dit moet ook behandeld en beschermd worden. Kastanje heeft niet de duurzaamheid van eik. Eik is sterker. Kastanje wordt steeds gelamereerd aangeleverd. |
- Welke behandeling is het 'best' voor houten buitenschrijnwerk?
Kookverf. Dit product wordt gemaakt met natuurlijke ingrediënten lijnolie, rogge- of tarwemeel en natuurlijke minerale en plantaardige kleurstoffen.
Aanwezigen: Jan Van De Gracht, czaar architecten, TEKEN architectuur, LabLand
- Welke behandeling is het 'best' voor de OSB-platen die als wandafwerking worden toegepast?
Dit hangt af van de kwaliteit van de platen en wat de bestaande dekking op de OSB-platen is. In het geval van onbehandelde OSB, kan je ze niet-dekkend behandelen, zeker als je 'de look' wilt behouden. Als de plaat in een natte ruimte wordt geplaatst (toilet, keuken,...) moet je een film-vormende bescherming plaatsen (vernis) of een olie-behandeling. Er zijn heel veel producten in het aanbod om dit mee te doen. Je kan de muur ook dekkend schilderen, maar dan verlies je de 'houtlook'.
- Welke behandeling is het 'best' voor recup gevelbeplanking? De planken werden aan één kant behandeld met carboline.
Dit hangt af van hoe diep de carboline al in het hout gedrongen is. Er is wel een andere zijde die niet behandeld is met carboline. Je zou de plank dus kunnen omdraaien. Jan ziet drie opties:
(1) een dekkende behandeling met kookverf (typisch gebruikt op de Zweedse huisjes met rode kleur)
(2) een niet-dekkende behandeling zoals beits of olie, kwetsbaarder dan dekkende behandeling, om de drie jaar opnieuw aan te brengen
(3) geen behandeling
Jan adviseert kookverf ifv het beperkte onderhoud.
- Algemene tip houtbehandeling
Doe steeds een test vooraleer je alles behandelt. Plaats deze test ook een tijdje in weer en wind om goed zicht te krijgen op het uiteindelijke resultaat.
Aanwezigen: Jan Van De Gracht, czaar architecten, TEKEN architectuur, LabLand
- Wat is het grootste verschil tussen leempleister, kalkpleister en gipspleister?
Als kostprijs een rol speelt zal gipspleister sowieso het goedkoopste zijn.
Leempleister is elastischer waardoor de bewerkingstijd groot is. Dit is een voordeel tijdens de constructiefase. Bij kalk en gips heb je maar een uur waarop je het kan bewerken. Bij leem is dit een paar dagen. De meeste kalk- en gipspleisters zijn minder gemakkelijk spuitbaar.
Het bindmiddel in leempleister is klei. Deze klei wordt samen met andere stoffen zoals zilt, zand en soms stro, gevoegd naargelang de toepassing en de pleisterdikte. Leempleister kan gespoten aangebracht worden. Er gebeurt geen chemische reactie in de leempleister, waardoor het omkeelbaar is en gecomposteerd kan worden. Bij kalk en gips gebeurt er wel een chemisch proces. Als je toch kiest voor gipsbepleistering, kies dan voor natuurgips.
De minst aantrekkelijke eigenschap van leempleister is de stootvastheid. Als een hoge stootvastheid nodig is, is leempleister geen goed idee. Je kan dan eventueel ook hier een onderscheid maken in verschillende zones.
Gips is nooit vochtbestendig, kalk wel. Kalkpleister heeft ook een vochtregulerend karakter, net als leem. Je kan in een badkamer dan vochtopnemende en niet-vochtopnemende zones maken waardoor je een goede vochtregeling in de badkamers krijgt. In de spatwaterzone zou je een glanspleister kunnen plaatsen.
Stand van zaken:
De gevels zijn opgetrokken uit snelbouwstenen en geplaatst op een nieuw gegoten betonnen fundering. Deze is aangebracht ter hoogte van de dragende muren en rondom de bestaande vloer met betonnen welfsels. Met nieuwe CLT-balken en -kolommen worden de grote overspanning opgevangen. De vloer van het eerste verdiep bestaat uit nieuw geschaafde houten balken waarop LVL platen zijn geschroefd. Waar mogelijk wordt het dragend houtskeletbouw uitgevoerd met in-situ hergebruikte houten balken van het houten paviljoen en afgewerkt met gevezen structurele spaanplaten. Zowel de wanden als het dak wordt verwezenlijkt met de in-situ hergebruikte houten balken. Het onderdak wordt afgedekt met een capillaire folie met hoge dampdoorlatendheid.
- adjust Materialenbank Atelier Circular Leuven








Stand van zaken:
Het optrekken van de gevel isolatie (rotswol), dampopen water folie en start van het regelwerk voor in-situ hergebruikte beplanking als gevel afwerking.
Ter plaatsen worden een fragment getest van de in-situ hergebruikte beplanking als gevel afwerking. In de test is de beplanking op het gevel werk pneumatisch genageld. Om de gevelbeplanking demonteerbaar te bevestigen, wordt deze bevestigingsmethode vervangen door het gebruik van schroeven.
De in-situ hergebruikte houten balken in het dak blijven langdurig vochtend door de aanhoudende regen. Wanneer de dakpannen worden geplaatst zullen de houten balken sneller kunnen drogen doorheen de capillaire folie met hoge dampdoorlatendheid.
Openstaande vragen:
GEVEL
- Hoe de in-situ hergebruikte gevelbeplanking onbewerkt plaatsen zodat de kop van de planken niet opzwellen?
Omdat het hout onbehandeld is, is het essentieel om het te beschermen om overmatige vochtigheid te voorkomen, wat zou
kunnen leiden tot schimmelbederf.
Daarom is het essentieel om kopshout niet aan te veel klimaatinvloeden bloot te stellen. Oplossing 4 op het voorgestelde detail lijkt me de meest duurzame. (BuildWise)
DAK
- Hoe preventief de in-situ hergebruikte kepers vrijwaren van mogelijke vocht, schimmel en mogelijke zwam ontwikkeling?
Het is belangrijk om het hout te beschermen tegen binnendringend water, het goed te laten drogen en de isolatie pas aan te brengen als het hout voldoende droog is en het gemeten vochtpercentage 17% (+/- 2 %) bedraagt. (BuildWise)
GELIJKVLOERS - duurzaamnalternatief voor egalisatielaag
- Het bestaande gelijkvloers bestaat uit betonnen welfsels uit 1960. De bestaande betonnen welfsels vertonen oneffenheden en zijn beperkt in hun draagvermogen. Onder de betonnen welfsels is er een kruipkelder dat deels is gevuld met steenpuin. Ter egalisatie van de oneffenheden stelt het bouwteam een EPS-chape voor, die tevens dienstdoet als vloerisolatie. Deze EPS-chape zou afgewerkt worden met een akoestische mat een dekvloer in egaline of uit OSB platen en linoleum als vloerafwerking. Met welk licht materiaal met zo een laag mogelijke milieu-impact kunnen de oneffenheden worden geëgaliseerd als alternatief op de reeds voorgeschreven EPS-chape met een droog gewicht van 95 kg/m3, een Lambda waarde van 0,042 W/m.K en een dikte van 24 cm?
Optie voor het aankopen van ex-situ hergebruikte PUR/PIR isolatie platen bij de materialenbank Trovo Gent. Deze hebben een dikte van 9 cm en kosten € 12/m2 (excl. btw) en is er 100 m2 van beschikbaar. Hierdoor kan de hoeveelheid aan materiaal van de EPS-chape deels worden gereduceerd en worden vervangen door één laag isolatie platen. Met als vervolg opbouw een akoestische mat met bovenop een droge demonteerbare dekvloer bestaande uit OSB platen. De hoofdaannemer heeft door een vergissing de ex-situ hergebruikte PUR/PIR isolatie niet op tijd aangekocht waardoor de voorraad reeds niet meer beschikbaar is. Door tijdsgebrek en een budgettaire redenen wordt gekozen voor het plaatsen van 24 cm EPS-chape.
Optie voor het egaliseren van de oneffenheden door middel van het uitbouwen van een houten vloer gevuld met isolatie en afgewerkt met een structurele plaat. Deze optie is niet verder onderzocht door de vermoedelijke hoge arbeids- en materiaalkosten in combinatie met de toenemende hoeveelheid aan verschillende materialen.
Optie voor het egaliseren van de oneffenheden door middel van het gebruik van een Staenis systeem. Een modulair roostersysteem met in hoogte regelbare poten in kunststof. Door middel van een droge vulmiddelen zoals kurkkorrels en gerecycleerde cellenbeton korrels worden de roosters opgevuld en afgewerkt met een structurele plaat. Deze optie is niet verder onderzocht door de vermoedelijke hoge arbeids- en materiaalkosten in combinatie met toenemende de hoeveelheid aan verschillende materialen.
Optie voor het gebruik van glaschuimgranulaten. Deze optie is verder niet onderzocht door het hoog soortelijk gewicht met 115 kg/m3, de hoge meerkost ten opzichte van de EPS-chape en de toenemende hoeveelheid van verschillende materialen en het gebruik van bitumen bindmiddel.
Optie zand, droge egalisatie korrels.
GELIJKVLOERS - duurzaam alternatief voor dekvloer
- Is er een duurzaam alternatief voor de dekvloer?
Optie met
Optie met
GELIJKVLOERS - duurzaam alternatief voor akoestische mat
- Is er een duurzaam alternatief voor de voorgeschreven akoestische mat?
Optie met
Optie met
GELIJKVLOERS - duurzaam alternatief voor vloerafwerking
BRANDVEILIGHEID
- Hoe/wat wordt gebruikt om houtskeletbouw vloer langs beide kanten brandveilig te beschermen? Voldoet een houtwolcementplaat als verlaagd plafond of een OSB/multiplex plaat als afwerking van een wand aan de brandveiligheid?
De brandweerstand geld van onder naar boven daardoor dient de bovenkant van de vloer als structureel element niet beschermd te worden met een R60 zoals het schema aantoont in Het koninklijk Besluit 'Basisnormen'. In het algemeen worden houtwolcementplaten gebruikt voor het brandveilig beschermen van beton constructies. Voor hout constructies zijn gipsvezelplaten meer courant doordat deze een hoge brandweerstand hebben ten opzichte van hun kleine dikte. Theoretisch kan de bijkomende gipsvezelplaat vervangen worden door de brandweerstand van de structurele hout plaat van de houtskeletwand in combinatie met de brandweerstand van een houten afwerkingsplaat met de ambitie om de hoeveelheid materialen te minimaliseren. In de praktijk is dit echter niet mogelijk doordat de vereiste brandweerstand van de verschillende materialen in de brandschil dienen aangetoond te worden door middel van certificaten. Hier wordt over nagedacht om dit in de toekomst wel mogelijk te maken als is dit gezien de steeds strenger wordende regelgeving geen evidentie.
WANDEN - Houtskelet wand
De houtskelet wand zijn voorgeschreven met OSB-platen als structurele plaat. Om te voldoen aan de brandveiligheid is het noodzakelijk om al de houtskeletwanden in te pakken met gipsvezelplaten. Als afwerking wordt er gekozen om de ex-situ hergebruikte multiplex platen van 10 mm van de materialenbank van Leuven alsnog te monteren tegen de gipsvezelplaten.















































































Fotos's zijn genomen door de hoofdaannemer L Heylen.























